Dentilia, een tandprothetische praktijk, is de oudste zaak aan de Hoogstraat tussen de Mariniersweg en het Oostplein. De unieke zaak vol technische hoogstandjes werd geopend in 1956. Naast de bijzondere rol die Dentilia vervult binnen de historie van de Hoogstraat, is Dentilia ook het eerste tandtechnische instituut dat in Nederland geopend werd.

unieke zaak vol technische hoogstandjes werd geopend in 1956.

Innovatie

Voor de opening van Dentilia, vertelt de huidige eigenaar Arthur van Wijk, was het aanmeten van kunstgebitten een taak die alleen verricht werd door tandartsen. Met de opening van Dentilia kregen klanten voor het eerst de mogelijkheid om een winkel binnen te wandelen, een advies te ontvangen en nog dezelfde dag een kunstgebit aan te schaffen. Daarnaast werd gebruik gemaakt van technisch innovatieve materialen zoals kunsthars en was Dentilia nog goedkoper ook. Geen wonder dat tandartsen de komst van Dentilia heftig bevochten.

Geen wonder dat tandartsen de komst van Dentilia heftig bevochten.

Modern door meneer Maas

Het innovatieve karakter van Dentilia vertaalde zich ook naar de aanblik van de zaak. Voor de inrichting werd een interieurarchitect, meneer Maas, ingehuurd, die de winkel indeelde in verschillende ruimten. Voorin, achter de grote ruit, kwam het moderne kantoor en achter een afscheiding van luxaflex – toen nog het neusje van de zalm op interieurgebied – werden twee grote leestafels geplaatst voor de klanten. Helemaal achterin was het laboratorium van de tandtechnici. Het interieur en de werkwijze van Dentilia waren erg modern. De klant was niet langer afhankelijk van een autoritaire tandarts, maar kon zelf beslissingen maken. Daarmee sloot de winkel naadloos aan op de tijdsgeest van de wederopbouw, met een transparante en innovatieve werkwijze. Daarnaast werd deze vooruitgang verpakt in een prachtig modernistisch interieur. Het was echt pionieren.

Daarmee sloot de winkel naadloos aan op de tijdsgeest van de wederopbouw, met een transparante en innovatieve werkwijze. Daarnaast werd deze vooruitgang verpakt in een prachtig modernistisch interieur. Het was echt pionieren.

Van de Veemarkt naar Dentilia

Het publiek dat Dentilia bezocht was niet altijd even modern. Vanuit het hele land kwamen mensen op de zaak af, ook van het platteland. De huidige eigenaar, wiens vader toen de zaak bestierde, herinnert zich dat mensen vroegen om een emmer water om de wc mee door te spoelen. Ze waren nog niet bekend met de werking van een watercloset. Soms kwamen er boeren binnen die die dag hadden gehandeld op de Veemarkt verderop. “In stofjas, met een pet op, stront onder de klompen en grote grove handen vol met het geld dat die dag verdiend was.” Op de leestafel stonden voor de klanten doosjes sigaren en sigaretten. Daar werd dankbaar gebruik van gemaakt. Hoewel de wederopbouw een optimistische tijd was, was het ook een tijd van armoede. Mensen uit de buurt kwamen daarom maar al te graag even een vraag stellen over hun gebit, terwijl ze tegelijkertijd rustig een sigaretje van de zaak rookten.

“In stofjas, met een pet op, stront onder de klompen en grote grove handen vol met het geld dat die dag verdiend was.”

Kaartjes

Het ging Dentilia gelijk na de feestelijke opening voor de wind. De populariteit van de zaak is ook deels te verklaren door de reclame die op grote schaal gemaakt werd voor de zaak. Twee keer per jaar werden kaartjes verspreid onder 3 miljoen huishoudens, dus eigenlijk heel Nederland kreeg twee keer per jaar een kaartje van Dentilia, de “modernste Tandtechnische Inrichting van Nederland” in de bus.

Alle verhalen