Van bankgebouw naar flexibel kantoor voor de Kamer van Koophandel

Het leek Kees Vrijdag, jarenlang verantwoordelijk voor de communicatie van de Kamer van Koophandel, een goed plan om op Blaak 40 af te spreken. Voor het interview start is hij bezig handen te schudden met de floormanager die hij nog van vroeger kent. De floormanager biedt koffie aan en Kees sluit aan in de rij voor een gratis bakkie. Hij vraagt aan de twee meisjes voor ons welk bedrijf ze gaan starten. Iets in de film? Wacht! Dan weet hij nog wel iemand die van belang voor de dames zou kunnen zijn. En kennen ze OPEN Rotterdam? Hij zoekt meteen de emailadressen op en geeft deze aan de meisjes. “Beginnende ondernemers moeten geholpen worden.” Hij neemt een slok van zijn koffie als de floormanager met architectuurpanelen aan komt lopen waarop de verbouwing van 2002 uitgelegd wordt. Verrast dat deze panelen er nog zijn zegt Kees dat het net weer allemaal verbouwd is. Hij wijst naar de koffiebar, de trap, de units. “Dat is allemaal nieuw. Toen wij hier in 2002 kwamen, introduceerden we een flexibel kantoorconcept. Dat was zijn tijd ver vooruit, maar paste wel in het oude pand. We wonnen er zelfs de Nationale Renovatieprijs 2003 mee.”

amsterdamse-bank-7

Van gesloten naar toegankelijk

Kees vertelt dat de Kamer voor 2002 als een gesloten bolwerk hoog en droog in het Beursgebouw aan de Coolsingel zat. Voorzitter Joop van Caldenborgh wilde meer naar de mensen toe en als Kamer van Koophandel minder afstandelijk zijn. Dus ‘naar de straat’. Het voormalige bankgebouw aan de Blaak stond leeg, op de krakers van de Willem de Kooningacademie na. Het gebouw werd aangekocht en verbouwd. Er kwam nieuw meubilair dat geschikt was voor het innovatieve flexibel werken. Intussen werden alle documenten gedigitaliseerd. “Vier miljoen documenten! Op de dag van de verhuizing had ik een publiciteitstunt bedacht om iedereen in een lange sliert van de Coolsingel naar de Blaak te laten lopen met verhuisspullen. Er viel alleen niets meer te verhuizen, haha. We hebben toen iedereen een doos gegeven, voor het idee, zag het er toch alleraardigst uit.”

“Het cassetteplafond in het atrium werd vervangen door Vreetex Wonderwood, dat was gebruiksmatig beter, architectonisch is het de vraag.”

DSC_1506

Het botervlootje

Het nieuwe kantoor trok veel bezoekers, in ‘doel-groepen’ zeker zo’n 6.000 per jaar. Ook toen de Kamer van Koophandel een publieksdag organiseerde stonden de oud-werknemers van de Incassobank om half tien al rijen dik voor de deur. Het gebouw roept blijkbaar bijzondere herinneringen op. “Vroeger was dit atrium open. In de jaren zeventig is de U-vorm gesloten en een cassetteplafond op de tweede etage gemaakt. Dat werkte akoestisch niet zo goed, dus kwam er Treetex Wonderwood, dat was gebruiksmatig beter, architectonisch is het de vraag.” De bankkluis werd niet verwijderd, dan zou de fundering aangetast worden. Die plek diende uiteindelijk als de ‘Basement’, een ruimte voor de personeelsvereniging. Kees vraagt intussen of de Rotunda bezichtigd kan worden, de mooiste ruimte, maar dat is helaas niet mogelijk. Er zit een nieuwe beheerder in het gebouw. Vroeger was de Rotunda bedrijfrestaurant, de Kamer gebruikte het voor special events. Van meneer Mees (red. van Mees & Hope bankiers) hoorde hij de bijnaam voor het ronde dakgebouwtje. “Fietsten we ’s avonds langs en zei meneer Mees: “Oh, er brandt nog licht in het Botervlootje.””

Het ronde dakgebouwtje op de Blaak 40 had als bijnaam: het Botervlootje

Wederopbouwklimaat

Als kind uit 1951 is zijn liefde voor de wederopbouw langzaam gegroeid. Hij verbaasde zich erover dat alle aandacht altijd bleef steken bij het bombardement. En toen Rotterdam zo’n zeven jaar geleden in een ‘slump’ zat, organiseerde hij op 18 mei 2010 een Opbouwdaghappening in de Kamer van Koophandel, over de transitie van 14 naar 18 mei. Architectenbureaus en bedrijven in de bouwsector in Rotterdam hadden het moeilijk. Er moest een list bedacht worden om het ondernemersklimaat weer aan te jagen. Een klimaat dat de wederopbouw zo heeft gekenmerkt. Hij vertelt enthousiast dat hij een boek aan het maken is over dat ondernemersklimaat. “Ik wil laten zien hoe ze toen met elkaar omgingen. Hein Ter Meulen vertelde me: “Ja, toen kon alles. De heipalen werden verticaal opgeslagen.” Oftewel, ze zaten al in de grond voordat de vergunning rond was.” Hij zingt: “Dat kan alleen in Rotterdam…” en vervolgt: “Met vier ondernemers, Gebroeders Ter Meulen, Wassen, Van Vorst en Martin’s Tearoom lieten ze het pand aan het Binnenwegplein bouwen. En spraken ze elke dag af in Old Dutch of zo om af te stemmen. Zij hebben ook samen gelapt voor het Rickey kunstwerk.” Het is duidelijk, het wederopbouwklimaat spreekt hem aan.

Actief betrokken bij Rotterdam

Na zijn pensioen bij de Kamer van Koophandel is Kees niet achter de geraniums gaan zitten. Hij heeft tal van bestuursfuncties en is actief bij Roterodamum, de Vlaggenparade en zijn in 2013 opgerichte Stichting Aan den Slag! bedoeld om Opbouwdag nieuw elan te geven. Na enkele succesvolle edities heeft hij het Platform Wederopbouw gevraagd mee te werken aan de organisatie. “Het zou mooi zijn als we in de Rotunda mogen tijdens Opbouwdag. Of misschien heeft Manhave sr. nog een pand leeg staan in de buurt van de Lijnbaan waar we wat kunnen organiseren? Wacht, ik stuur zijn gegevens door, kan je hem mailen.” Netwerken, lobbyen en verbinden, het is net of Kees nog bij de Kamer werkt.

Alle verhalen