Plan Witteveen, het eerste wederopbouw plan

De directeur van den Gem. Technischen Dienst ir. W.G. Witteveen, heeft van Burg. en Weth. opdracht gekregen een plan voor een geheel nieuwe binnenstad te ontwerpen. Verscheidene deskundigen zijn den heer Witteveen voor assistentie bij dit groote werk toegewezen; van zijn normale functies is hij onmiddellijk ontheven, opdat hij al zijn tijd en aandacht aan het groote werk kan besteden.

Rotterdamsch Nieuwsblad 20-5-1940

Bombardement

Het bombardement van de binnenstad van Rotterdam op 14 mei 1940 en de brand die erop volgde kostte naar schatting 850 mensenlevens. Deze catastrofe betekende de vernietiging van 25.479 woningen, 31 warenhuizen, 2320 kleinere winkels, 31 fabrieken, 1319 werkplaatsen, 675 pakhuizen en vemen, 1437 kantoren, 13 bankgebouwen, 19 consulaten, 69 schoolgebouwen, 13 ziekenhuisinrichtingen, 24 kerkgebouwen, 10 inrichtingen van liefdadigheid, 25 gemeentelijke- en rijksgebouwen, 4 stationsgebouwen, 4 dagbladbedrijven, 2 musea, 517 cafés en restaurants, 22 feestgebouwen, 12 bioscopen, 2 schouwburgen en 184 overige bedrijfsruimten. Ongeveer 80.000 mensen werden dakloos, 13% van de bevolking. De brandgrens van het verwoeste gebied met een oppervlakte van 258 ha is sinds 2007 in de stad gemarkeerd. Op 15 mei was de capitulatie van Nederland een feit.

Het bombardement van de binnenstad van Rotterdam op 14 mei 1940 en de brand die erop volgde kostte naar schatting 850 mensenlevens. Ongeveer 80.000 mensen werden dakloos, 13% van de bevolking.

onbekend-witteveen-portret2
Ir. W.G. Witteveen, de ontwerper van een nieuw Rotterdam, bezig aan zijn schetsplan, begin juni 1940.Groot Rotterdam 13 juni 1940
onbekend-witteveen-weekrevue
Dr. C.L.F. Völckers, Beauftragter des Reichskommissars für die Stadt Rotterdam, en Ir. W.G. Witteveen bezoeken het noodwoningencomplex langs het Noorderkanaal.Omslag de prins der geïllustreerde bladen 21 september 1940.

Witteveen

Met de voor Rotterdam karakteristieke daadkracht werd direct begonnen met het puinruimen en de planvorming voor de wederopbouw van de stad. Op 18 mei 1940, vier dagen na het bombardement, kreeg stadsarchitect Willem Gerrit Witteveen (1891-1979) van het gemeentebestuur de opdracht een plan voor een geheel nieuwe binnenstad te maken. Allereerst werd het puinruimen georganiseerd; Witteveen moest snel beslissen welke gebouwen konden blijven staan. Het puinruimen werd rigoureus aangepakt. Er moet een nieuwe stad komen en men binde den nieuwen stedebouwer niet aan bestaande gebouwen. Voor behoud kwamen alleen in aanmerking: de Delftsche Poort, het Schielandshuis en wellicht de toren van de St. Laurenskerk, de kerk zelf niet.

Witteveen moest snel beslissen welke gebouwen konden blijven staan. Het puinruimen werd rigoureus aangepakt. Er moet een nieuwe stad komen en men binde den nieuwen stedebouwer niet aan bestaande gebouwen.

Het puinruimen duurde tot november 1940. De grond in het centrum werd onteigend. Ir. J.A. Ringers werd aangesteld als Algemeen Gemachtigde voor de Wederopbouw. De Wederopbouw werd in rijksdiensten georganiseerd: het ASRO (Adviesbureau Stadsplan Rotterdam) en het DIWERO (Dienst Wederopbouw Rotterdam).

Witteveen kreeg met zijn medewerkers de beschikking over een verdieping in de bibliotheek aan de Nieuwemarkt. Ze bivakkeerden er op veldbedden zodat er dag en nacht kon worden gewerkt. Omdat ook het Stadstimmerhuis was vernietigd, moest de stad opnieuw in kaart worden gebracht. De snelheid van handelen was mede ingegeven door de angst dat anders NSB-ers of Duitsers het voortouw zouden kunnen nemen bij de wederopbouw. Schrikbeeld was een Groot-Germaanse havenstad naar stedenbouwkundige ideeën van Albert Speer.

stadsarchief-witteveen-achterbuurt
De Thoolenstraat in de krottenwijk achter de Goudsesingel in 1929.Stadsarchief Rotterdam 1980-1745

Het plan van Witteveen

Binnen enkele weken had Witteveen zijn plan klaar. Witteveen bleef in zijn Wederopbouwplan, dat in juli 1940 in hoofdlijnen klaar was, dicht bij de vooroorlogse situatie. Hij probeerde vooral oplossingen te vinden voor de actuele problemen van de stad: een betere verkeersdoorstroming met brede parkways, een hogere esthetische kwaliteit van de bebouwing en de sanering van krottenwijken rond de Goudsesingel. Stedenbouwkundig bleef hij vasthouden aan gesloten bouwblokken en een monumentaal straatbeeld. De architectonische uitwerking was traditioneel; er werden gevelbeelden geschetst met individuele panden en pakhuizen met tuitgevels. In september 1940 presenteerde hij zijn plannen aan rijkscommissaris Seyss-Inquart. Die vond de plannen voor een stad met een miljoen inwoners nogal bekrompen. In 1941 werd het Stadsplan voor den Wederopbouw toch officieel vastgesteld. In oktober 1941 werd het Wederopbouwplan in het Museum Boijmans Van Beuningen tentoongesteld.

In september 1940 presenteerde hij zijn plannen aan rijkscommissaris Seyss-Inquart. Die vond de plannen voor een stad met een miljoen inwoners nogal bekrompen.

onbekend-witteveen-schets
Schets van het bouwblok aan de Westewagenstraat door architect Sutterland uit 1942. Kenmerkend voor de Witteveenstedenbouw is de pandsgewijze opzet en de archaïsche architectuur.Een stad voor het leven. Wederopbouw Rotterdam 1940-1965, 1995
onbekend-witteveen-plan
Het Wederopbouwplan van Witteveen van december 1941.Stadsarchief Rotterdam

Graan en gewassen

Door de oorlogssituatie kwam de wederopbouw niet van de grond. Na het puinruimen en slopen van onherstelbare gebouwen werden er in hoog tempo noodwoningen en noodwinkelcomplexen gebouwd. Echte bouwactiviteiten waren er nauwelijks. Reeds begonnen projecten als de Diergaarde en de Maastunnel werden afgebouwd, maar het kantoor van de Rotterdamsche Bank aan de Coolsingel bleef half af; eigenlijk werd alleen het project Wereldhaven aan de Goudsesingel gerealiseerd. Op 1 juli 1942 werd een bouwstop ingesteld. Op open plekken in de stad werden graan en gewassen verbouwd.

Na het puinruimen en slopen van onherstelbare gebouwen werden er in hoog tempo noodwoningen en noodwinkelcomplexen gebouwd.

nationaalarchief-basisplan-kaart
Basisplan herbouw binnenstad Rotterdam.Nationaal Archief 073-0909_1

Basisplan

Gedurende de oorlog veranderden de ideeën over de herbouw van de stad. Een groep Rotterdamse zakenlieden onder leiding van de directeur van Van Nelle, C.H. van der Leeuw, de Club Rotterdam, en vooruitstrevende architecten van Opbouw, een vereniging van architecten en kunstenaars, uitten vanaf 1942 kritiek op de plannen van Witteveen. Zij vonden de wederopbouw van Rotterdam veel meer een economisch vraagstuk dan een esthetisch. Ook hadden de meeste industriëlen meer affiniteit met de ideeën van de architecten W. van Tijen en J.H. van den Broek, vastgelegd in de publicatie Woonmogelijkheden in het nieuwe Rotterdam. Witteveen raakte gedesillusioneerd en overwerkt en ging op 1 april 1944 met ziekteverlof.

Gedurende de oorlog veranderden de ideeën over de herbouw van de stad. Witteveen raakte gedesillusioneerd en overwerkt en ging op 1 april 1944 met ziekteverlof. Witteveen zou Rotterdam de rest van zijn leven mijden.

Zijn assistent Cornelis van Traa volgde hem op. Van Traa maakte op basis van Witteveens ideeën een radicaal functioneel stadsplan: het Basisplan. Witteveen zou Rotterdam de rest van zijn leven mijden.

Van de ideeën van Witteveen is nauwelijks iets zichtbaar in de wederopgebouwde stad. Het bankgebouw op de Coolsingel volgt de oude rooilijn van de Coolsingel, wat door de plaatsing van winkelpaviljoens ervoor is gerepareerd. De bank is net als het telefoongebouw aan de Botersloot in een traditionele stijl gebouwd. Op de Oude Binnenweg, aan de Hoogstraat bij de Vlasmarkt en in de Pannekoekstraat zijn enkele voorbeelden van pandsgewijze stedenbouw met pittoreske architectonische details gerealiseerd. Ook de reeds tijdens de oorlog aangelegde kademuren, bruggen en brughuisjes langs de Rotte en de Delftsevaart laten de verzorgde, traditionalistische architectuuropvattingen van Witteveen zien.

Volledige tijdlijn