Thalia Theater

Exterieur en interieur van het nieuwe Thalia zijn stijlvol aangepast aan de veranderde en, naar men mag hopen nog steeds veranderende instelling der hedendaagse bioscoopbezoekers; niet langer de droom die eertijds tot in de pronkende pluchetapijten werd geïmiteerd, doch de bewustmaking van werkelijke waarden is het doel van de moderne bioscoop geworden. Thalia dat, gegeven de beschikbare ruimte, in waaiervorm gebouwd moest worden en een naar de achterwand steeds bredere uitloop bezit, telt 800 zitplaatsen die amphitheatersgewiis oplopen; er is geen balcon.

Algemeen Handelsblad 8-7-1955

Abraham Tuschinski

Tuschinski is een legendarische naam in de Nederlandse bioscoopwereld, die voortleeft in de bekende Amsterdamse bioscoop en de term Tuschinski-stijl voor overdadige en extravagante decoraties. De Poolse jood Abraham Tuschinski (1886-1942) was op weg naar de Verenigde Staten in Rotterdam blijven hangen. Hij opende in 1911 zijn eerste bioscoop, Thalia, aan de Coolvest. Bij de sloop van de Zandstraatbuurt in 1912 voor de bouw van het stadhuis sneuvelde het gebouw. Het tweede Thalia uit 1916 aan de Hoogstraat werd in mei 1940 verwoest. Het bombardement kostte het Tuschinskiconcern al zijn bioscopen met een totale capaciteit van 4500 zitplaatsen.

thalia-1
Impressie van het nieuwe Thalia met een eerste idee voor het kunstwerk op de gevel.Hier Rotterdam

Tussen de puinflora van Rotterdam is in luttele maanden tijds een groot bouwwerk verrezen: „Lutusca”, het nieuwe filmpaleis van het Tuschinskiconcern. Als het -naar men hoopt-  met de Kerstdagen zijn poorten zal openen, zullen de mensen zich kunnen neervlijen in comfortabele stoelen, die reeds voor de oorlog voor een nieuw theater waren vervaardigd.

Het Vrije Volk 26-10-1946

thalia-2
Thalia kort na de opening mei 1956.Stadsarchief Rotterdam 4273_L-1951

Van Lutusca naar Thalia 3

In 1946 wordt het duizend plaatsen grote noodtheater Lutusca op het Kruisplein gebouwd, op initiatief van enkele samenwerkende bioscoopdirecties (LUmière, TUschinski, SCAla). Ontwerper van het gebouw is de Rotterdamsche architect J.P.L. Hendriks (1895-1975). Jan Hendriks maakt ook het ontwerp voor de derde bioscoop met de naam Thalia aan de Kruiskade, in samenwerking met Lex van den Bosch. In de zwierige lijnen en decoraties van dit gebouw is iets terug te zien van de vooroorlogse grandeur van de Tuschinskitheaters. Op 22 juni 1954 wordt de eerste paal voor het nieuwe gebouw geslagen door de tienjarige Ronnie Gerschtanowitz, een nazaat van familie van Abraham Tuschinski’s vrouw. Juli 1955 wordt het gebouw geopend met behalve de onvermijdelijke toespraken ook geheel in stijl drie films: de Polygoon-film “Thalia is herrezen” en “Toot Whistle Plunk and Boom” als voorprogramma en “20.000 mijlen onder zee” als hoofdfilm.

Waaiervorm

Thalia was gesitueerd op het kruispunt van Kruiskade en Lijnbaan. Met de bioscopen Lumière (A. Krijgsman, A. Bodon, 1954-1958) en Corso (Taen & Nix, 1957-1960), het oude Luxor, het Hilton Hotel en de horeca op de Lijnbaan vormde Thalia een uitgaansenclave, die echter maar een flauwe echo was van de vooroorlogse Kruiskade. Doordat de Kruiskade nog zijn oorspronkelijke schuine richting heeft behouden in het verder rechthoekige stratenplan is de bioscoop niet rechthoekig maar waaiervormig. Het winkelfront aan de Lijnbaan moest worden voortgezet. De waaiervorm van het gebouw is verder bepaald door de ideale vorm van de grote bioscoopzaal voor 800 toeschouwers. Deze wordt in het midden van het gebouw en ook in het midden van de helling betreden, waardoor de looplijnen zo kort mogelijk waren. Door de gekozen zaalvorm en verschillende hellingen was het zicht op het filmdoek optimaal. De akoestiek werd geregeld door de materiaalkeuze van wanden en plafonds. De geheel glazen dubbelhoge entree op de hoek had de functie van tochtportaal.

thalia-4
Hal met toegangsdeuren naar de zaal.Bouwkundig Weekblad 1956

Thalia, muze van het blijspel

De gevels van het gebouw zijn uitgevoerd in geglazuurde baksteen. De vrijwel gesloten zijgevel is voorzien van betonnen decoratie-elementen. De lichtgebogen voorgevel wordt gedomineerd door een sierbetonnen plastiek op een zwart fond. Beeldhouwer Carel Kneulman verbeeldde hier Thalia, de muze van het blijspel; officiële titel: Bloeiende feestvreugde.

A. Maaten vraagt zich in het Polytechnisch Tijdschrift van 22-12-1955 af “Of deze door techniek en talent ontstane plastiek even bestendig zal zijn als het solide gebouw zelf, zal moeten worden afgewacht.”

thalia-3
De grote zaal met decoraties van Jan van Keulen.Bouwkundig Weekblad 1956

Anno nu

Vanaf begin jaren tachtig zijn er plannen geweest om Thalia te slopen. Eerst om er een nieuw bioscoopcomplex te bouwen, later om er een woontoren te bouwen. Net als de Corso- en Luxortoren gaat het project uiteindelijk niet door. Maar op 27 maart 1996 is wel de laatste filmvoorstelling in Thalia. De bioscopen rond de Lijnbaan sluiten en gaan naar het nieuwe Pathécomplex op het Schouwburgplein. Sloop lijkt nu onafwendbaar, want Pathé heeft bedongen dat het gebouw de komende vijftig jaar geen bioscoop mag zijn. Maar het gebouw wordt in 2000 gemeentelijk monument. En in 2002 is er de heropening als Café De Beurs. Bij deze verbouwing zijn de entreehal en de foyer tezamen met de eerste winkel van de Lijnbaan verbouwd tot caféruimte. Het spectaculaire waaiervormige houten plafond en de spoetniklamp in de hal zijn bewaard gebleven. Bij een volgende verbouwing in 2014 tot Villa Thalia zijn de stoelen en loges in de grote bioscoopzaal weggehaald, waardoor een grote getrapte ruimte is vrijgekomen voor recepties, partijen en discofeesten.

thalia-7
Bioscoopadvertentie 24 april 1958.

Gegevens

Adres: Kruiskade 55
Architect: J.P.L. Hendriks, W. van der Sluys, L.A. van den Bosch
Jaar: 1953-1955
Rijksmonument

Volledige tijdlijn