Rotterdamsche Bank

De paal, die dadelijk in den grond wordt geslagen, is de eerste paal voor het nieuwe Rotterdam, wij zijn dus hier aanwezig bij het begin van den wederopbouw. Zooals deze sterke betonnen paal met kracht in den bodem wordt gedreven, zoo zal ook Rotterdam met kracht pogen zijn plaats van handel en scheepvaart en industrie te behouden.

Bij het slaan van de eerste negentien meter lange schokbetonnen paal voor het nieuwe gebouw van de Rotterdamsche Bankvereeniging houdt K.P. van der Mandele een toespraak. Hij was tot 1940 directievoorzitter van de bank en is daarna voorzitter van de Kamer van Koophandel geworden. Verder zijn op 31 maart 1941, de “Dag van den Wederopbouw”, de regeringscommissaris voor de wederopbouw J.A. Ringers, stadsarchitect W.G. Witteveen en bekende Rotterdammers als D.G. van Beuningen en A.J.M. Goudriaan aanwezig. Volgens de door de Duitsers gecontroleerde pers wordt het “een machtig nieuw bouwwerk, dat het eerste zal zijn, dat in het kader van den wederopbouw den nieuwen Coolsingel, die nog meer dan vroeger de hartader van Rotterdam zal worden, zal sieren.” (De Telegraaf 31-03-1941)

rotterdamse-bank-1
Het slaan van de eerste proefpaal voor het gebouw van de Rotterdamsche Bankvereeniging op 31 maart 1941, de “Dag van den Wederopbouw”.J. van Rhijn/Stadsarchief Rotterdam 4140_1977-3423

Rotterdamsche Bankvereeniging

Voor de oorlog zaten de Rotterdamsche Bankvereeniging (Robaver) en de Amsterdamsche Bank vlak bij elkaar op de Coolsingel, ter plekke van de huidige Bijenkorf. De banken zouden later fuseren tot de Amro-bank. Dit bijkantoor van de Robaver wordt in 1939 verbouwd en van een nieuwe gevel voorzien door Hermann Friedrich Mertens (1885-1960), de vaste architect van de bank. Bij het bombardement blijft het gebouw grotendeels gespaard en al snel worden de bovenverdiepingen in gebruik genomen door het ASRO (Adviesbureau voor de wederopbouw van Rotterdam). De bank gebruikt slechts de begane grond. Het hoofdkantoor van de in 1863 opgerichte bank stond aan de Boompjes en was in 1923 uitgebreid door Mertens. Dit gebouw was behoorlijk beschadigd bij het bombardement dus de bank had behoefte aan een nieuw hoofdkantoor. Bij bankgebouwen bleef de onverwoestbare kluis overigens altijd gespaard.

De Rotterdamsche Bank krijgt van stadsbouwmeester Witteveen toestemming om een nieuw hoofdkantoor te bouwen op een prominente plaats in de stad: aan de Coolsingel ter hoogte van het Coolsingelziekenhuis. Er wordt een ontwerp gemaakt door Mertens. De architect maakte eerder enkele bijkantoren (Gouda, Terneuzen, Den Haag) en tussen 1917 en 1922 twintig filialen voor de Nationale Bankvereniging. Mertens is vooral bekend vanwege het hoofdkantoor voor Unilever (1931) op het Land van Hoboken en het HAKA-gebouw aan de Vierhavensstraat (1932). Mertens deed ook mee aan de prijsvraag voor een nieuwe Beurs.

Atlantikwall

Als de fundering en de kelder klaar zijn moet de bouw worden gestaakt vanwege de algehele bouwstop van 1 juli 1942. Architect Mertens weet via een truc de bouw nog voort te zetten, omdat hij aanvoert dat het betonijzer dat boven de kelder uitsteekt niet bestand is tegen weersinvloeden. “Er werd ontheffing aangevraagd, er verscheen een Duitsche vrouwelijke deskundige op het werk en dit Nazi-geval liet zich netjes om de tuin leiden. Met een groot gebaar gaf zij toestemming om het bestaande ijzer te betonneeren.”  (Maandblad Robaver voor het personeel der Rotterdamsche Bankvereeniging NV; tevens officiëel orgaan van de vereenigingen “Robaver” te Rotterdam en te Amsterdam) Vervolgens wordt nog de gehele begane grondvloer  gestort. Op 11 mei 1943 stopt de bouw definitief; alle cement en ijzer is vanaf dat moment bestemd voor de bouw van de Atlantikwall, de Duitse kustverdedigingslinie.

rotterdamse-bank-3
Advertentie uit Het Vrije Volk van 24 december 1948.

Hervatting bouw

Direct na de oorlog wordt het werk hervat. Augustus 1947 arriveert de 35 ton wegende kluisdeur op een Amerikaanse legerwagen, waarop men in de oorlog tanks vervoerde. Ook beeldhouwer Gerard Héman (1914-1992) is dan al bezig met de decoraties: een beeldengroep op het dak en een voorstelling boven de hoofdingang. Vijf arbeiders zijn bezig met het nauwkeurig voorhakken van Zweeds graniet. Het beeldhouwwerk stelt oorlog, dood en honger versus vrede, vruchtbaarheid en welvaart voor. In de zomer van 1948 wordt het gebouw al grotendeels in gebruik genomen en op 6 januari 1949 is de officiële opening. Het gebouw kostte 14 miljoen gulden (6,5 miljoen euro), toen een fors bedrag.

rotterdamse-bank-2
De Blaak liep aanvankelijk door in de smalle Oude Binnenweg. Vanwege een goede verbinding tussen Blaak en Rochussenstraat werd de Westblaak aangelegd, waarvoor de oude Bijenkorf, een deel van de wijk Cool en enkele villa’s aan de Westersingel moesten wijken. Op de voorgrond het pand van modehuis Gerzon, daarachter het Schielandshuis en het HBU gebouw.Stadsarchief Rotterdam 4273-L-6815

Dubbelhoge hal

Het gebouw is langwerpig en vrijwel symmetrisch, met afgeronde hoeken. Op de begane grond is het hele grondvlak benut, maar erboven is sprake van een U-vorm. De hoofdingang is aan de Coolsingel, aan de Binnenweg was een aparte personeelsingang en aan de Van Oldenbarneveltstraat was een extra ingang voor de hogere verdiepingen, die apart werden verhuurd. Ook waren hier enkele winkels in de plint. Achter de hoofdingang lag een ovale entreehal. Links was een kashal, rechts waren de effectenhal en de kas voor particulieren. De begane grond bevatte verder een dubbelhoge hal waar ‘500 tot 550 beambten aan hun bureaux hun werk verrichten.’ Op de drie hogere lagen was kantoorruimte. Boven de hoofdentree lag de vergaderzaal. De directie had een achthoekige ruimte in de afgeronde zuidoosthoek.

God van de handel

Het gebouw heeft een gevel van rode baksteen, voorzien van verticale raampartijen. De afgeronde hoeken zijn voorzien van vensterpartijen, klassieke zuilen en sierbeeldhouwwerk. Het licht hellende zadeldak is bekleed met koper. Boven de hoofdingang is een voorstelling aangebracht van Mercurius, de god van de handel, te midden van symbolen van landbouw, visserij, handel en scheepvaart. Verder zijn er 35 stenen platen met gestileerde vissen en vogels onder de daklijst. “Men kan dus niet zeggen, dat er aan versiering van de gevel geen aandacht is besteed!” aldus het Vrije Volk van 2-9-1947. Het gebouw bevat een herinnering aan het Rotterdam van voor de oorlog in de ramen van de hal van glazenier Copier. Die bevatten taferelen die zijn geïnspireerd op een gedicht van Jan Prins, waarin hij de sfeer van de oude stad met zijn specifieke geuren bezingt.

rotterdamse-bank-4
De ingang van het bankgebouw in 1953, met beeldhouwwerk van Gerard Héman.Stadsarchief Rotterdam 4273-L-154
rotterdamse-bank-3

Niet onverdeeld enthousiasme

Van der Mandele dacht in zijn toespraak bij de eerste paal, dat het gebouw “een voorbeeld zal zijn van de aesthetische verzorging van het nieuwe Rotterdam.” Maar als het gebouw klaar is, is het enthousiasme niet onverdeeld. De nogal sombere bakstenen kolos heeft, net als de andere bankgebouwen die dan gebouwd worden, weinig van het optimisme van de wederopbouw. Rein Blijstra is uitgesproken kritisch over het gebouw: “Het is een onvergeeflijke fout geweest van de ontwerper van het eerste stadsplan om een bankgebouw toe te laten op een plaats, waar het in staat is de Coolsingel ‘s avonds tot een levenloze straat te maken. Het stadhuis en het postkantoor waren reeds ruim voldoende, de ingang van de Beurs en het gebouw Erasmus konden er nog maar net bij, de Rotterdamse Bank niet meer. Hoe levendig de Coolsingel in de toekomst moge worden, dit gebouw zal een lelijke, donkere plek blijven in het avondlijke stadsbeeld en zelfs overdag belet het een vlotte overgang van het winkelend publiek naar de Binnenweg en omgekeerd.” Het Vrije Volk 11-12-1952

Ook een anonieme verslaggever van De Tijd is vernietigend in zijn oordeel: “Men is wat te haastig geweest met het verschaffen van de vrije hand aan de banken. Die hebben een enorme voorkeur gehad juist voor de Coolsingel. Het gebouw van de Rotterdamsche Bank staat er al. Zo massief gesloten en kolossaal als een stuk van de Atlantic-wal. Het is zo indrukwekkend en dicht, alsof het een grote kluis is, volgepropt met goud. En dat morsdode bouwsel aan de riante boulevard die de Coolsingel toch zou moeten zijn! Nog een paar van die soliditeiten en de Coolsingel zal zo dor worden als Fort Knox in Amerika, waar al het goud van de wereld ligt opgehoopt.” De Tijd 18-04-1953

Ten slotte Jan Meijer, die de column Spreeuwenpraat in Het Vrije Volk had:

“Waar is de gezelligheid van de boulevard? De Coolsingel is al vermoord toen men het baksteen van de Rotterdamse Bank ging optasten. En dat baksteen bekroonde met een koperen dak. Hoe de stedebouwers van toen dat goedgevonden hebben!”

Het Vrije Volk 18-07-1967

Breed trottoir met paviljoens

Bijzonder is dat het gebouw nog volgens de ideeën van Witteveen de oude rooilijn van de Coolsingel volgt, die schuin afboog naar de Schiedamse Vest. In het Basisplan van Van Traa is de Coolsingel verlegd in een rechte lijn richting de Leuvehaven. Om het ongebruikelijk brede trottoir voor de bank een beter aanzien te geven worden er in 1957 vier glazen paviljoenwinkels gebouwd. Eerder stond hier een rijtje noodwinkels. Opbouwdag 1959 komt er een kopie van het beeld Monsieur Jacques van de beeldhouwer Oswald Wenckebach bij; het beeld had het jaar ervoor veel indruk gemaakt op de Wereldtentoonstelling in Brussel.

rotterdamse-bank-5
In 1957 zijn de vier paviljoenwinkels aan de Coolsingel klaar.Ary Groeneveld/Stadsarchief Rotterdam 4121-906-1

Fusies en uitbreiding

In 1964 fuseren de Amsterdamsche Bank en de Rotterdamsche Bank tot de AMRO Bank. Medio jaren zeventig wordt het bankgebouw aan de Coolsingel in Rotterdam de hoofdvestiging van de AMRO Bank en wordt het gebouw van de Amsterdamsche Bank aan de Blaak overgedaan aan de NMB. Februari 1979 wordt het bekende kunstwerk De welvaart van Pieter Starreveld verplaatst naar de Coolsingel. De bijnaam ‘nakie van Blakie’ wordt noodgedwongen vervangen door ‘bank-bil-Jet’.

Door de concentratie van alle personeel op één plek wordt het gebouw te klein en komt er een uitbreiding aan de achterzijde. De architect A.J.B. van de Graaf ontwerpt in 1973 in samenwerking met Kraaijvanger Architecten een kantoortoren van elf lagen op een lage onderbouw. Die laagbouw van twee lagen met parkeergarage en bedrijfsrestaurant is bedoeld als voortzetting van de Lijnbaan. De toren is voorzien van bruin zon-absorberend glas en een opvallende digitale klok. In 1978 is het gebouw klaar. Ten tijde van deze uitbreiding is het bankgebouw intern gerenoveerd en het exterieur voorzien van nieuwe kozijnen. In 1990 is er opnieuw een fusie, met de Algemene Bank Nederland tot ABN AMRO Bank.

rotterdamse-bank-5

Anno nu

Vanaf 2007 zijn er plannen voor een groot winkelcentrum in en achter het bankgebouw, Forum, ontworpen door OMA. Daarvoor moet de kantoortoren worden gesloopt. Het ontwerp van OMA zou gaan bestaan uit een grote gele kubus van 80 bij 80 bij 80 meter en in totaal 100.000 m2 oppervlakte beslaan met winkels, woningen, kantoren, horeca en het Museum Rotterdam: “een verticale stad die bezoekers als een magneet naar binnen zuigt.” Een centrale, inspirerende ontmoetingsplaats, “zodat Rotterdam weer een hart krijgt”, met mogelijk een daktuin, een jazzcafé en een stadstheater. De Lijnbaan, het Binnenwegplein en de Koopgoot zouden zo zowel onder- als bovengronds met elkaar worden verbonden. Het project wordt in de volksmond al gauw de Kaas van Koolhaas genoemd. Het kaasblok wordt naarmate de vastgoedcrisis verergert en het internetwinkelen aan populariteit toeneemt steeds kleiner, om uiteindelijk helemaal te verdwijnen. In de tussentijd is in mei 2014 boekhandel Donner tijdelijk in het leegstaande bankgebouw getrokken. In 2017 wordt eindelijk gestart met het project in afgeslankte vorm: het bankgebouw wordt gerestaureerd door Wessel de Jonge Architecten en de hoogbouw wordt gestript en verbouwd tot woningen door OMA. In de bank komt Donner terug en ook de ABN AMRO bank keert terug. Voor de bouwwerkzaamheden wordt het gebouw van Jungerhans uit 1953, ontworpen door architectenbureau Kraaijvanger, gesloopt. Het gebouw zal worden gereconstrueerd met daarin een vestiging van Primark. De glazen paviljoens voor het gebouw zijn inmiddels ook vervangen.

Gegevens

Adres: Coolsingel 119
Architect: H.F. Mertens
Jaar: 1941-1949
Rijksmonument

Volledige tijdlijn